donderdag, juli 20, 2006

Manifest van de 15 december beweging

Op 15 december 2005 stemde de Kamer van Volksvertegenwoordigers over het generatiepact. Premier Guy Verhofstadt noemde dat pact ‘de grootste politieke prestatie uit 2005’. Slechts 4 kamerleden – allen van Ecolo - stemden tegen. Alle kamerleden van de VLD én van de Sp.a stemden voor. De CD&V onthield zich, maar ondertekende in de Vlaamse regering wel de concrete maatregelen om het generatiepact door te voeren. Het Vlaams Belang verklaarde: ‘Wat de regering vandaag doet, zijn peanuts. Het gaat niet ver genoeg en het is niet grondig genoeg’.

Op 15 december werd de stem van de vakbonden en van hun 2,8 miljoen leden, die zich met man en macht tegen het generatiepact verzetten, niet gehoord. De politieke wereld zette de vakbeweging buitenspel. Dat de liberalen het generatiepact doordrukten, is niet verwonderlijk. Grote moeite hebben wij voornamelijk met de houding van de socialistische partijen. De vakbeweging werd door hen als ‘conservatief’ afgeschilderd. Het recht op stakingsposten en het afzetten van industrieterreinen als ‘onredelijk’. En intussen draaide in de media de hetze tegen de vakbonden op volle toeren. Rechters legden dwangsommen op tegen de staking. Kortom, men wil de macht van de vakbonden breken.

Op 15 december hebben alle traditionele partijen een belangrijke stap gezet om onze samenleving op Amerikaanse leest te schoeien. 15 december is de start voor het doorvoeren van de Lissabon-akkoorden in ons land. In Lissabon beslisten de 15 regeringsleiders van de Europese Unie over de manier om van Europa ‘de meest competitieve economie van de wereld’ te maken. Daarbij worden mensen met een gewoon inkomen geviseerd. De sociale klok wordt teruggedraaid en democratische rechten staan onder druk. Voor wie de weg van Lissabon uitgaat, is er geen weg terug. Na het ‘generatiepact’ staat vandaag het ‘competitiviteitspact’ op stapel. Minister Frank Vandenbroucke verklaarde: ‘Dat dit het eindpunt is van noodzakelijke hervormingen, is een fatale vergissing. Het werk moet nog beginnen.’ De traditionele partijen kiezen voor een neoliberaal beleid - zoals de uitvoering van de Lissabon-akkoorden – dat ten dienste staat van de transnationale ondernemingen en dat ‘de rijken rijker en de anderen armer’ maakt.

Zo wordt uiterst rechts slapend rijk. Het is duidelijk dat de traditionele partijen niet in staat zijn aan uiterst rechts een halt toe te roepen. Vaak vinden zij dat de remedie erin bestaat de oplossingen van uiterst rechts tot de hunne te maken.

Er is een andere politiek nodig. Een linkse politiek. Een politiek voor volwaardige arbeid, betaalbare huisvesting, gratis onderwijs en een sterke sociale zekerheid. Voor fatsoenlijke inkomens en voor wettelijk gelimiteerde lonen voor topmanagers. Voor een belasting op de grote vermogens. Voor de bescherming van de democratische rechten. Dat is een positief antwoord: zowel op het Amerikaanse model als op het valse antwoord van het Vlaams Belang. Het is een politiek van eenheid tussen Vlamingen, Walen en Brusselaars, tussen autochtonen en allochtonen, voor een rechtvaardige en sociale maatschappij, voor een solidaire wereld.

Veel mensen zijn op zoek naar een politieke thuis. Deze mensen vinden wij terug als leden, afgevaardigden of secretarissen in de vakbonden en in de sociale en culturele organisaties en ook in de onderwijswereld en bij de andersglobalisten. Daarom starten wij een beweging voor deze andere politiek.

Als eerste stap in de uitbouw van deze politieke beweging, tekenen wij, mensen met een verantwoordelijkheid in bovenstaande organisaties, dit manifest.

Wij roepen andere verantwoordelijken op zich bij ons aan te sluiten.

(13 mei 2006)